Erhard Koekoek

Het zit eraan te komen. Een verbod waarmee iemand het recht wordt ontzegd bestuurder te zijn van een rechtspersoon. Dit nieuwe instrument heet het civielrechtelijk bestuursverbod en ligt nu voor advies bij de Raad van State. Daarna moet het wetsvoorstel nog door zowel de Tweede-  als Eerste Kamer worden aangenomen, maar als het zover is, hebben we er een wet bij. Het bestuursverbod is echter wel een wet met zeer verstrekkende gevolgen. Het zal u immers maar voor vijf jaar worden verboden om als bestuurder of commissaris van een rechtspersoon te fungeren.

Wat houdt het bestuursverbod in?

Bij een bestuursverbod mag u gedurende een periode van maximaal vijf jaar niet tot bestuurder of commissaris van een (andere) rechtspersoon worden benoemd. Ook mag u niet langer aanblijven als bestuurder of commissaris van andere rechtspersonen waarvan u op dat moment al bestuurder of commissaris bent. 

Wanneer kan ik te maken krijgen met het bestuursverbod?

Stel dat de rechtspersoon waarvan u bestuurder bent of de eenmanszaak danwel personenvennootschap waarmee u ondernemer bent failliet wordt verklaard. Dat is meestal al een enorm heftige situatie. Als u echter uw taak als bestuurder/ondernemer tijdens het faillissement of in de drie jaren voorafgaand aan het faillissement  kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld, dan kan u ook een bestuursverbod worden opgelegd.

Het is dus van belang dat u weet wanneer sprake is van een kennelijk onbehoorlijke taakvervulling. Door de wetgever wordt bij een kennelijk onbehoorlijke taakvervulling onder meer gedacht aan de volgende situaties:

  1. Er zijn vermogensbestanddelen van de failliete vennootschap of eenmanszaak (in het zicht van het faillissement) weggesluisd.
     

  2. De bestuurder/ondernemer schiet ernstig tekort in het meewerken met of het verschaffen van informatie aan de curator.
     

  3. De administratie van de failliete vennootschap is niet gevoerd volgens de daarvoor geldende vereisten.
     

  4. De bestuurder/ondernemer is in de drie jaren voorafgaand aan het faillissement van de vennootschap/eenmanszaak betrokken geweest bij  twee eerdere faillissementen.
     

  5. Aan de bestuurder/ondernemer of gefailleerde rechtspersoon is een fiscale vergrijpboete opgelegd.

Niet alleen een bestuurder kan zijn taak kennelijk onbehoorlijk vervullen, maar ook degene die het beleid van de rechtspersoon (mede) heeft bepaald alsof hij een bestuurder was, kan dat doen. Het gevolg is dat ook de (mede) beleidsbepaler een bestuursverbod kan worden opgelegd.

Zowel de curator als het Openbaar Ministerie kunnen bij een kennelijk onbehoorlijke taakvervulling de burgerlijke rechter verzoeken om een bestuursverbod op te leggen. Tijdens deze verzoekprocedure kunt u als bestuurder al worden geschorst.

Als bestuurder zult u in beginsel tijdens deze procedure worden opgeroepen en zal de rechter ook uw kant van het verhaal willen horen. Opmerkelijk genoeg is het echter uw taak om te bewijzen dat de veronderstelde kennelijk onbehoorlijke gedragingen niet aan u te wijten zijn. Eveneens moet u kunnen laten zien dat u niet nalatig bent geweest in het treffen van maatregelen om de gevolgen van die gedragingen af te wenden. Wanneer u in die bewijsvoering slaagt, zal geen bestuursverbod worden opgelegd. Het bijzondere is dat niet de curator of het Openbaar Ministerie de kennelijk onbehoorlijke taakvervulling moet bewijzen, maar dat u als bestuurder de bewijslast draagt.

Het bestuursverbod heeft als doel om faillissementsfraude effectiever te bestrijden. Frauderende bestuurders moeten worden aangepakt volgens de toelichting bij het wetsvoorstel. Niemand zal dat ontkennen. In het strafrecht bestaat er daarom sinds enkele jaren al de mogelijkheid om een bestuursverbod op te leggen aan bestuurders die worden veroordeeld voor faillissementsfraude.

Het bijzondere aan dit civielrechtelijk bestuursverbod zit hem erin dat u als bestuurder niet veroordeeld hoeft te zijn voor faillissementsfraude, terwijl u toch een bestuursverbod kan worden opgelegd. Evenmin hoeft sprake te zijn van strafbare benadeling. Omvangrijke en serieuze verdenkingen, signalen, aanwijzingen en subjectieve overtuigingen kunnen voldoende zijn voor het opleggen van een bestuursverbod. Een gewaarschuwd mens telt voor twee!

Deel dit artikel

Neem contact op met onze specialisten voor meer informatie

Expertises