Lennart Alberts

Sinds enige tijd wordt gewerkt aan de herziening van de UAV-GC 2005. Op 15 februari 2021 is de consultatieversie van de UAV-GC 2020 (“concept”) beschikbaar gesteld op de website van de CROW.

Sinds enige tijd wordt gewerkt aan de herziening van de UAV-GC 2005. Op 15 februari 2021 is de consultatieversie van de UAV-GC 2020 (“concept”) beschikbaar gesteld op de website van de CROW. Op 15 maart 2021 vond een expertmeeting plaats, georganiseerd door het Instituut voor Bouwrecht. Ik beperk me tot par. 13 UAV-GC 2005 en de vraag hoe in het concept UAV-GC daarmee wordt omgegaan, waarom dat zo is en wat de reactie van de experts tijdens de genoemde meeting is. [1]

Concept UAV-GC 2020 laat par. 13 vervallen

Par. 13 UAV-GC 2005 betreft de geotechnische bodemgesteldheid. Deze bodemgesteldheid is niet alleen van belang voor de constructie op zichzelf, maar ook voor de uitvoering daarvan (materiaalkeuze bijvoorbeeld). Het gaat dus om de bodemopbouw en de daarin aanwezige grondsoorten die bepalend zijn voor de draagkracht van de bodem. Op basis daarvan kan bepaald worden welke funderingsconstructie toegepast moet worden voor de realisering van het beoogde werk. Par. 13 UAV-GC 2005 stelt de Opdrachtnemer verantwoordelijk voor de afstemming van het ontwerp- en uitvoeringswerkzaamheden op de geotechnische bodemgesteldheid. De Opdrachtnemer is dus niet zelf voor die geotechnische bodemgesteldheid verantwoordelijk te achten; dat ‘risico’ blijft bij de opdrachtgever rusten. De verantwoordelijkheid van de Opdrachtnemer vervalt (par. 13 lid 2 UAV-GC 2005), indien Opdrachtnemer alle voorzorgsmaatregelen getroffen heeft, die van hem verwacht mochten worden.

De commissie die de aanzet tot de herziening gegeven heeft, heeft een concept ter consulatie voorgelegd waarbij deze paragraaf vervalt.

Achtergrond vervallen par. 13 UAV-GC 2005

Het concept neemt als vertrekpunt de afstemmingsverplichting die voor opdrachtnemer integraal blijft gelden. Integraal, dus ook ten aanzien van de bodemgesteldheid. Verwezen wordt naar par. 4 lid 4 concept UAV-GC: “De in lid 1 bedoelde verplichting omvat mede de afstemming van de Werkzaamheden op de tijdens de realisatie van het Werk of Meerjarig Onderhoud blijkende toestand.” De uitzondering op de bedoelde verantwoordelijkheid is in het concept geregeld in par. 3 lid 3 concept UAV-GC. Aldaar is bepaald dat de Opdrachtgever verantwoordelijk is voor – kortweg – onjuiste informatieverschaffing. Opdrachtnemer is gerechtigd daar een beroep op te doen, mits hijzelf als een zorgvuldig opdrachtnemer gehandeld heeft.

Kortom, in de informatieverplichting van de Opdrachtgever en in de alomvattende afstemmingsverplichting van de Opdrachtnemer zou par. 13 UAV-GC 2005 opgelost zijn.

Reactie vanuit expertmeeting

Tijdens de expertmeeting zijn verschillende vragen gesteld aangaande het voorstel om par. 13 UAV-GC 2005 te laten vervallen. Op de vraag of de bodemgesteldheid, verontreiniging en obstakels uitdrukkelijk genoemd moeten blijven worden in het concept, waarbij de afstemming op de bodemgesteldheid op dezelfde wijze dient te zijn geregeld als in de bodem aanwezige verontreiniging en obstakels, reageerde 60% positief.

Op de vraag of de Opdrachtnemer in beginsel aansprakelijk is voor verontreiniging en obstakels in het hem ter beschikking gesteld bouwterrein is, reageerde 85% met een ‘oneens’.

De meningen over het schrappen van par. 13 UAV-GC 2005 liepen behoorlijk uiteen. Het grootste deel (60%) van de experts was van mening dat de bodem voor veel bouwwerken van dusdanig belang is dat het schrappen van par. 13 UAV-GC 2005 niet aan de orde zou moeten zijn. Ratio daarvan is dat dit artikel partijen juist dwingt om de bodemaspecten voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst goed in kaart te brengen en daar ook een visie op te formuleren. Ook geeft een uitgeschreven artikel meer houvast in geval van een geschil. Hoewel er ook voordelen aangedragen werden, zoals de incorporatie in de informatie- en onderzoeksplicht en de inkorting van de totale tekst, werd het schrappen als een gemis ervaren.

Signaalfunctie

Op welke manier de commissie met de uitkomst van dit onderdeel zal omgaan, is nog ongewis. Uit de toelichting op het concept blijkt dat juridisch gezien het schrappen van het artikel geen afbreuk hoeft te doen aan de wederzijdse posities van Opdrachtgever en Opdrachtnemer. De UAV-GC hebben echter mijns inziens ook tot doel om een signaal af te geven aan partijen. Mijns inziens pleit de signaalfunctie van par. 13 UAV-GC 2005 en de daarin gebruikte terminologie voor het behoudt van een vergelijkbare bepaling.

Ik heb voor deze blog voornamelijk gebruik gemaakt van Onder redactie van prof. Mr. dr. E.M. Bruggeman en mr. A.G.JK. van Wassenaer “Verslag Expertmeeting Herziening UAV-GC – 15 maart 2021, TBR 2021/54

Deel dit artikel

Neem contact op met onze specialisten voor meer informatie

Expertises